Artikel 4:79

1. Bij wettelijk voorschrift of bij de subsidieverlening kan worden bepaald dat de in artikel 4:78, eerste lid, bedoelde opdracht tevens strekt tot onderzoek van de naleving van aan de subsidie verbonden verplichtingen.
2. Bij toepassing van het eerste lid gaat de opdracht vergezeld van een bij of krachtens wettelijk voorschrift of bij de subsidieverlening vast te stellen aanwijzing over de reikwijdte en de intensiteit van de controle.
3. Bij toepassing van het eerste lid, gaat het financiële verslag tevens vergezeld van een schriftelijke verklaring van de accountant over de naleving door de subsidie-ontvanger van de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

 

Dit artikel is met ingang van 1 januari 1998 ingevoegd bij wet van 20 juni 1996 Stb. 333 (wetsvoorstel 23 700)

[bron: PG Awb III, p. 274-275]

VO Dit artikel was in het VO niet opgenomen.

Tekst RvS = VvW

VvW = Eindtekst [4.2.8.5.7]

Memorie van toelichting 

De accountant van de subsidie-ontvanger kan ingevolge dit artikel een taak toebedeeld krijgen bij de controle op de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Het bestuursorgaan zal in dat geval een aanwij­zing moeten geven over de reikwijdte en de intensiteit van de controle, een zogenaamd controleprotocol. Dit protocol bevat een nadere uitwerking van de informatieverplichtingen die aan de subsidie-ontvanger inzake het afleggen van rekening en verantwoording zijn opgelegd. Daarnaast schrijft het protocol voor welke aandacht de accountant moet besteden aan de naleving van (bepaalde) subsidieverplichtingen en eventueel welke mate van nauwkeu­righeid (tolerantie) de accountant daarbij moet betrachten. Hierbij kan in het bijzonder worden gedacht aan uit een oogpunt van misbruik en oneigenlijk gebruik gevoelige verplichtingen.
Bij het opstellen van dit protocol zal enerzijds rekening moeten worden gehouden met de specifieke deskundigheid van de accountant en anderzijds met wat uit doelmatigheidsoverwegingen in verband met de kosten van accountantscontro­le zinvol is. Om dezelfde redenen is het aan de bijzon­dere wetgever of het be­stuursorgaan overgelaten om te bepalen in welke gevallen een controleprotocol wordt voorgeschreven. 

Verslag II

4.43 Waarom is het eerste lid van dit artikel facultatief gesteld, zo vragen de leden van de fracties van VVD en SGP.

Nota naar aanleiding van het verslag II

4.43 Een opdracht aan een accountant om  – in aanvul­ling op de gewone accountantscon­trole  – de nale­ving van de aan de subsi­die verbon­den verplichtin­gen te onder­zoe­ken (eerste lid), verplicht het bestuursorgaan er tevens toe de ac­coun­tant daar­bij aan een controleprotocol (aanwij­zing over de reik­wijdte en de inten­siteit van de con­trole) te binden (tweede lid). Omdat het aan de bij­zondere wetge­ver of het be­stuurs­orgaan is, om te bepalen in welke gevallen een controleprotocol zinvol kan worden voorge­schreven, is het eerste lid  – het al dan niet verstrekken van een «extra» opdracht (waar­aan automa­tisch het controleprotocol is gekoppeld) – facul­tatief ge­steld.

Share This