Artikel 8:11

1. De voorschriften omtrent de behandeling van het beroep zijn van toepassing op de behandeling door elk van de kamers, bedoeld in de artikelen 8:10 en 8:10a.
2. Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer heeft tevens de bevoegdheden en de verplichtingen van de voorzitter.

 

Dit artikel is met ingang van 1 januari 1994 ingevoerd bij wet van 16 december 1993 Stb. 650 (wetsvoorstel 22 495)

[bron: PG Awb II, p. 405]

[Eindtekst] 1. De voorschriften omtrent de behandeling van het beroep zijn op de behandeling zowel door een enkelvoudige als door een meervoudige kamer van toepassing.
2. Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer heeft tevens de bevoegdheden en de verplichtingen die de voorzitter van een meervoudige kamer heeft.

Tekst RvS = VvW

VvW = Eindtekst [8.1.2.2]

Memorie van toelichting

In de regeling van het procesrecht worden allerlei bevoegdheden en taken aan de rechtbank bij de behandeling van een zaak toebedeeld. Met rechtbank wordt gedoeld op de unus of op de meervoudige kamer die met de behandeling van de desbetreffende zaak is belast. Bevoegdheden en taken die aan de voorzitter van de meervoudige kamer zijn toegekend, komen evenzo toe aan de unus iudex. Als voorbeeld kan worden gewezen op artikel 8.2.6.12, derde lid, waarin onder meer is bepaald dat de uitspraak wordt ondertekend door de voorzitter van de meervoudige kamer. Ingevolge artikel 8.1.2.2, tweede lid, behoeft in artikel 8.2.6.12, derde lid, niet meer te worden bepaald dat een uitspraak van de enkelvoudige kamer wordt ondertekend door degene die daarin zitting had.

Dit artikel is met ingang van 1 januari 2013 gewijzigd bij wet van 20 december 2012, Stb. 2012, 682 (Wet aanpassing bestuursprocesrecht; kamerstukken 32 450)

[Eindtekst]
1. De voorschriften omtrent de behandeling van het beroep zijn van toepassing op de behandeling door elk van de kamers, bedoeld in de artikelen 8:10 en 8:10a.
2. Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer heeft tevens de bevoegdheden en de verplichtingen van de voorzitter.

Nota van wijziging

1. De voorschriften omtrent de behandeling van het beroep zijn van toepassing op de behandeling door elk van de kamers, bedoeld in de artikelen 8:10 en 8:10a.
2. Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer heeft tevens de bevoegdheden en de verplichtingen van de voorzitter.

Toelichting NvW
Het artikel is aangepast aan het voorgestelde artikel 8:10a (grote kamer). Het tweede lid doelt op de bevoegdheden van de voorzitter, geregeld in de artikelen 8:44, derde lid, 8:50, vijfde lid, 8:61, eerste en zesde lid, 8:65, derde lid, 8:67, derde lid, en 8:77, derde lid. In samenhang met de wijziging van artikel 8:11 wordt in die bepalingen na «de voorzitter» telkens geschrapt: van de meervoudige kamer.

 

Share This