Artikel 8:36

1. Aan de door de bestuursrechter opgeroepen getuigen, deskundigen en tolken en de deskundigen die een onderzoek als bedoeld in artikel 8:47, eerste lid, hebben ingesteld, wordt ten laste van het Rijk een vergoeding toegekend. Het bij en krachtens de Wet tarieven in strafzaken bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
2. De partij die een getuige of deskundige heeft meegebracht of opgeroepen, dan wel aan wie een verslag van een deskundige is uitgebracht, is aan deze een vergoeding verschuldigd. Het bij en krachtens de Wet tarieven in strafzaken bepaalde is van overeenkomstige toepassing.

 

Dit artikel is met ingang van 1 januari 1994 ingevoerd bij wet van 16 december 1993 Stb. 650 (wetsvoorstel 22 495)

[bron: PG Awb II, p. 422-423]

Tekst RvS

1. De door de rechtbank opgeroepen getuigen, deskundigen en tolken en de deskundigen die een onderzoek als bedoeld in artikel 8.2.2.6, eerste lid, hebben ingesteld, ontvangen uit ’s Rijks kas een vergoeding overeenkomstig het bij of krachtens de Wet tarieven in burgerlijke zaken (Stb. 1960, 541), bepaalde.
2. De partij die een getuige of deskundige heeft meegebracht of opgeroepen, dan wel aan wie een verslag van een deskundige is uitge­bracht, is aan deze een vergoeding verschuldigd overeenkomstig het bij of krachtens de Wet tarieven in burgerlijke zaken bepaalde.

Voorstel van wet [8.1.6.4]

1. Aan de door de rechtbank opgeroepen getuigen, deskundigen en tolken en de deskundigen die een onderzoek als bedoeld in artikel 8.2.2.6, eerste lid, hebben ingesteld, wordt ten laste van het Rijk een vergoeding toegekend. De Wet tarieven in burgerlijke zaken (Stb. 1960, 541) is van overeenkomstige toepassing.
2. De partij die een getuige of deskundige heeft meegebracht of opgeroepen, dan wel aan wie een verslag van een deskundige is uitge­bracht, is aan deze een vergoeding verschuldigd. De Wet tarieven in burgerlijke zaken is van overeenkomstige toepassing.

Memorie van toelichting

Bij de vergoeding van de kosten van getuigen, deskundigen en tolken wordt een onderscheid gemaakt tussen de getuigen, deskundigen en tolken die door de rechtbank zijn opgeroepen en degenen die zijn meegebracht door partijen.
De kosten van getuigen, deskundigen en tolken die door de rechtbank zijn ingeschakeld, komen voor rekening van het Rijk overeenkomstig de regeling in de Wet tarieven in burgerlijke zaken. Kosten van getuigen en deskundigen die door partijen zelf zijn ingeschakeld, komen voor hun rekening overeenkomstig voornoemde regeling. Er kan aanleiding zijn, deze kosten te betrekken bij een proceskostenveroordeling.
De voorgestelde regeling komt qua strekking overeen met de bestaande wetten. Een belangrijk verschil is dat de Wet tarieven in burgerlijke zaken van toepassing wordt op de hoogte van de vergoeding. Dit heeft tot gevolg dat een einde komt aan de bestaande verschillen op dit punt in de diverse administratief rechterlijke procedures. Nu worden dergelijke vergoedingen veelal vastgesteld aan de hand van ingevolge de verschillende proceswetten vastgestelde algemene maatregelen van bestuur.

Voorlopig verslag II

In artikel 8.1.6.4. wordt de Wet tarieven in burgerlijke zaken van overeenkomstige toepassing verklaard, aldus de leden van de fractie van D66. Slechts artikel 57 van die wet ziet op getuigen en deskundigen. Dit artikel verwijst naar het besluit tarieven in burgerlijke zaken. In artikel 2 van dit besluit is bepaald dat de vergoedingen berekend worden naar de regels vervat in de artikelen 1-4, 6 en 7a van het Besluit tarieven in straf­zaken. Dit besluit geeft de verschuldigde tarieven.
Waarom is in artikel is in artikel 8.1.6.4 verwezen naar de Wet tarieven in burgerlijke zaken? Ware het niet beter om in artikel 8.1.6.4 hetzij het besluit tarieven in strafzaken hetzij de artikelen 3, 6 en 7 van de Wet tarieven in strafzaken van overeenkomstige toepassing te verklaren?
Dit zou ook in overeenstemming zijn met het huidige artikel 92 Beroepsreglement en een ingewikkelde omweg voorkomen.

Memorie van antwoord II

Wij stemmen in met de suggestie van de leden van de fractie van D66. In de nota van wijziging wordt zowel in het eerste als het tweede lid de verwijzing naar de Wet tarieven in burgerlijke zaken vervangen door een verwijzing naar het Besluit tarieven in strafzaken. Dat geldt ook voor artikel 8.1.7.3, derde lid, en de artikelen 15, zevende lid, en 15a, vijfde lid, van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.

Nota van wijziging

Artikel 8.1.6.4, eerste lid, tweede volzin, komt te luiden: Het Besluit tarieven in strafzaken is van overeenkomstige toepassing.

Eindverslag

De leden van de D66-fractie zagen met instemming dat hun opmer­kingen inzake de artikelen 8.1.6.4, 8.2.2.6 en 8.3.1 door de regering waren overgenomen.

Tweede nota van wijziging

Artikel 8.1.6.4, eerste lid, tweede volzin, en tweede lid, tweede volzin, komt te luiden:
Het bij en krachtens de Wet tarieven in strafzaken bepaalde is van overeenkomstige toepassing.

Dit artikel is met ingang van 1 januari 2013 gewijzigd bij wet van 20 december 2012, Stb. 2012, 682 (Wet aanpassing bestuursprocesrecht; kamerstukken 32 450)

[Eindtekst] In de artikelen 8:32, eerste en tweede lid, 8:33, eerste en vierde lid, 8:35, eerste lid, 8:36, eerste lid, 8:37, eerste en tweede lid, 8:39, eerste lid, en 8:40 wordt «rechtbank» telkens vervangen door: bestuursrechter.

Voorontwerp

In de artikelen 8:31, 8:32, eerste en tweede lid, 8:33, eerste en vierde lid, 8:35, eerste lid, 8:36, eerste lid, 8:37, eerste en tweede lid, 8:39, eerste lid, en 8:40 wordt “rechtbank” vervangen door: bestuursrechter.

Voorstel van wet

In de artikelen 8:32, eerste en tweede lid, 8:33, eerste en vierde lid, 8:35, eerste lid, 8:36, eerste lid, 8:37, eerste en tweede lid, 8:39, eerste lid, en 8:40 wordt “rechtbank” telkens vervangen door: bestuursrechter.

Memorie van toelichting

Zie Memorie van toelichting bij artikel 8:14.

 

 

Share This