Artikel 8:105

1. Het hoger beroep wordt ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tenzij een andere hogerberoepsrechter bevoegd is ingevolge hoofdstuk 4 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak dan wel ingevolge een ander wettelijk voorschrift.
2. Het hoger beroep, bedoeld in artikel 8:104, eerste lid, aanhef en onder c, wordt ingesteld bij de hogerberoepsrechter die ingevolge het eerste lid bevoegd is of zou zijn te oordelen over een uitspraak van de rechtbank omtrent het schadeveroorzakende besluit.

 

Dit artikel is met ingang van 1 januari 2013 ingevoegd bij wet van 20 december 2012, Stb. 2012, 682 (Wet aanpassing bestuursprocesrecht; kamerstukken 32 450)
Voorontwerp [8:90]

1. Het hoger beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tenzij de wet een andere hogerberoepsrechter aanwijst.
2. Het hoger beroep kan worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep, indien de aangevallen uitspraak betreft:
a. een besluit of een andere handeling van een bestuursorgaan waarbij een ambtenaar als bedoeld in artikel 1 van de Ambtenarenwet als zodanig of een dienstplichtige als bedoeld in hoofdstuk 2 van de Kaderwet dienstplicht als zodanig, hun nagelaten betrekkingen of hun rechtverkrijgenden belanghebbende zijn, of
b. een besluit als bedoeld in de artikelen 6 en 7 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak.
3. Het hoger beroep kan worden ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven, indien de aangevallen uitspraak betreft een besluit als bedoeld in artikel 8 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak.
4. Het hoger beroep kan worden ingesteld bij het gerechtshof, indien de aangevallen uitspraak betreft een besluit:
a. als bedoeld in artikel 26 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, of
b. als bedoeld in artikel 9 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak.

Voorstel van wet

Het hoger beroep wordt ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tenzij een andere hogerberoepsrechter bevoegd is ingevolge hoofdstuk 4 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak dan wel ingevolge een ander wettelijk voorschrift.

Memorie van toelichting

Dit artikel regelt bij welke instantie hoger beroep kan worden ingesteld. De hoofdregel blijft dat het hoger beroep moet worden ingesteld bij de ABRS, tenzij de wet een andere instantie aanwijst (vergelijk thans artikel 47 (37-oud), eerste lid, Wet RvS). Deze andere wet zal voortaan echter de Awb zelf zijn, meer bepaald hoofdstuk 4 van de tweede bijlage bij de Awb, de Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak. Inhoudelijk voorziet dit wetsvoorstel slechts in een beperkte herverkaveling van rechtsmacht tussen de hogerberoepsrechters. Deze is toegelicht in paragraaf IV van het algemeen deel van deze toelichting.

Dit artikel is met ingang van 1 juli 2013 gewijzigd bij wet van 31 januari 2013, Stb. 2013, 50 (Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten; kamerstukken 32 621).
Voorstel van wet

Artikel 8:105 wordt gewijzigd als volgt:
1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
2. Het hoger beroep als bedoeld in artikel 8:104, aanhef en onder c, wordt ingesteld bij de hogerberoepsrechter die ingevolge het eerste lid bevoegd is of zou zijn te oordelen over een uitspraak van de rechtbank omtrent het schadeveroorzakende besluit.

Memorie van toelichting

Deze bepalingen behelzen wijzigingen van artikel 8:104 en 8:105 Awb. Artikel 8:104 regelt dat hoger beroep openstaat tegen een uitspraak op een verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige overheidsdaad. Artikel 8:105 regelt vervolgens bij welke rechter het hoger beroep kan worden ingesteld.
Op grond van artikel 8:90 moet het verzoekschrift worden ingediend bij de bestuursrechter die bevoegd is kennis te nemen van het beroep tegen het schadeveroorzakende besluit. Artikel 8:105 regelt, voor het geval er tegen het schadeveroorzakende besluit beroep in twee instanties openstaat, dat de hogerberoepsrechter die bevoegd is te oordelen over een uitspraak van de rechtbank omtrent het schadeveroorzakende besluit, ook bevoegd is in hoger beroep te oordelen over een uitspraak op een verzoek om schadevergoeding. De rechtsbescherming tegen het oordeel over het schadeverzoek sluit derhalve aan bij de rechtsbescherming tegen het schadeveroorzakende besluit. Dit betekent dat in een aantal gevallen geen hoger beroep openstaat tegen het oordeel omtrent de schadevergoeding. Dit is het geval in zaken waarin de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en het College van Beroep voor het bedrijfsleven als rechter in eerste en enige aanleg oordelen. Aangezien alleen kleinere schadezaken door deze rechters kunnen worden beoordeeld en de benadeelde er ook voor kan kiezen zijn schade bij de burgerlijke rechter te vorderen, hoeft dit echter geen bezwaar te zijn.

Nota van wijziging

In onderdeel I (artikel 8:105) wordt «Het hoger beroep als bedoeld in artikel 8:104» vervangen door: Het hoger beroep, bedoeld in artikel 8:104, eerste lid.

Onderdelen 6 tot en met 9 (artikelen 8:88, 8:92, 8:93, 8:104, 8:105 en 8:108)
Dit zijn technische correcties.

 

Share This